top of page

“Het Paradijs bestaat!” Cruise Frans-Polynesië (15/02-02/03/26)

Bijgewerkt op: 2 dagen geleden

Ik was al in Frans-Polynesië op een wereldcruise in 1986 en later als cruise-director op de Vistafjord (Cunard). Ik had het geluk Polynesische eilanden, zoals Tahiti, Mo'orea en Bora Bora, te mogen bereizen tijdens wintercruises in het begin van de negentiger jaren. Mijn vrouwtje was daar echter nooit. Dus wou ik haar het paradijs laten zien. Ik vond een goeie cruise deal bij de vooraanstaande cruisecompagnie Seabourn. De vluchten zijn wel pokkeduur, maar goed, we gaan ervoor.


We rijden naar Charles de Gaulle, de luchthaven van Parijs, waar we een vlucht nemen die 22 uur

en 20 minuten lang zal duren, met een stop over in Los Angeles van ongeveer twee uur. Een tweemansorkestje met danseres verwelkomt ons - "Maeva!" - in de luchthaven Faa’a. We nemen wat lokaal geld op en stappen in een taxi voor een ritje van tien minuten (16€) naar ons hotel Tahiti Nui, knal in het centrum van Papeete.

zondag

15/feb

CDG

18:55

LAX 2u15

 

maandag

16/feb

Papeete, Tahiti

 

6:15

 

dinsdag

17/feb

Papeete, Tahiti: Seabourn Quest

12:30

 embark

 

woensdag

18/feb

Papeete, Tahiti: Seabourn Quest

20:00

 

 

donderdag

19/feb

At sea

 

 

gala

vrijdag

20/feb

Rotoava, Fakarava (Tuamotu)

8:00

18:00

tender

zaterdag

21/feb

Avatoru, Rangiroa (Tuamoto)

8:00

18:00

tender

zondag

22/feb

Maroe Bay, Huahine Iti

8:00

18:00

tender

maandag

23/feb

Uturoa, Raiatea (Society isles)

8:00

18:00

 

dinsdag

24/feb

Vaitape, Bora Bora

8:00

 

tender

woensdag

25/feb

Vaitape, Bora Bora

 

18:00

tender

donderdag

26/feb

Bahia Opunohu, Mo’orea

8:00

17:00

tender

vrijdag

27/feb

Papeete

9:00

disembark

 

zaterdag

28/feb

Papeete

 

 

 

zondag

1/mrt

PPT airport

8:50

 

 

maandag

2/mrt

CDG

 

16:50

 

1 CFP = 0,0084€

1€ =119,33 CFP

 


Papeete 16/02.


We kwamen ‘s ochtends aan, kort na zes uur, en kenden bijna 22 uur alleen maar nacht, maar ik heb een early check-in geregeld. We profiteren er dus van om meteen wat verder uit te rusten van het uurverschil van min elf uur. En … koude douches te nemen, want het is vochtig warm (30°).


Tegen de avond trekken we naar de bekende “roulottes” (food trucks) op de havenkade waar ik

bij vorige bezoeken superbe, goedkope wokgerechten at. Het is helaas maandag en dan is er in Papeete bijna niets te doen, dus weinig keuze. Een teleurstelling, maar op de hoek van onze straat en de kustboulevard Pomare vinden we een heerlijk overdekt, leuke terras-café-resto, waar een orkestje speelt en volop ambiance heerst: “Bora Bora Lounge”.


Frans-Polynesië is erg duur want zowat alles, buiten tropische vruchten, moet ingevoerd worden. Een simpele pint kost al snel 7 euro. Ik laat het niet aan mijn hart komen, want het lokale Hinano bier is lekker verfrissend.


De lokale bevolking verzamelt zich hier, sommigen in kleurrijke jurken met bloemenkransen in het haar en ze scharen zich rond een enorme litertank met bier, waar ze via een kraantje hun glazen bijvullen. Als ik vraag of ik dat mag fotograferen, word ik meteen uitgenodigd om erbij te komen zitten.

Opvallend: de inwoners van deze eilanden zijn allemaal erg dik. Tachtig procent is zwaar obees. Dat komt door een genetische aanleg met het gen CRIBF dat hen vroeger toeliet om op lange tochten van eiland naar eiland op hun vetreserves te overleven. En natuurlijk door het goedkope, vetrijke voedsel dat vanuit het westen deze regio veroverde. Tahiti werd ontdekt door Captain Wallis in 1767.


Er lopen veel ladyboys rond, flanerend, tippelend, maar steeds uitbundig. Sommigen zijn hier kelner. Ze blijken duidelijk aanvaard door iedereen. Ik heb weinig honger en hou het bij een tonijncarpaccio. Tonijn is hier de vissoort nummer één.


Ons hotel verdient een extreme make-over en opsmuk. De kamer is een suite met terrasje, maar het strakke bruin smeekt om een metamorfose met kleur en meer tropisch gevoel. In het restaurant voel ik me alsof ik in een seventies fuifzaal zit. Er is wel  een buitenzwembad. In een tankstationwinkel naast ons vind ik wat drank, maar geen bier. Dat kan je alleen maar in grote supermarkten kopen. Minpunt: geen idee hoe het komt, maar de hele nacht door horen we constant sirenes van ambulances en zo ...


Papeete 17/02.


Natuurlijk zijn we allebei rond drie uur, veel te vroeg, nog moe, maar knal wakker. Voor de inscheping om 12:30 uur ga ik de stad wat grondiger verkennen. In tegenstelling tot alle eilanden is Papeete een zeer drukke stad met heel wat verkeer. Het is zowat de enige stedelijke setting in Frans-Polynesië. Tahiti bevat 80% van de Frans-Polynesische bevolking.


Ik loop langs het centrale busstation, het stadhuis met een parkje, om terecht te komen op de wervelende en absoluut kleurrijke lokale markt. Kleur, geur en glimlachen. Overal wordt voornamelijk fruit en vis aangeboden. En wat opvalt, is dat die vissen prachtig gesorteerd zijn en de stukken tonijn heel ordelijk in plastiek verpakt.


Het blijkt Chinees nieuwjaar te zijn, en dat zal ik geweten hebben. Enkele mannen staan klaar in de bekende drakenkostuums voor hun drakendans, en we horen overal tromgeroffel. De straten zijn versierd met de typische Chinese rode lantaarns, en hier en daar knallen bommetjes. Ik passeer de kathedraal van Papeete. Kathedraal? Nou ja, een onooglijk kerkje. Maar best sympathiek tegenover de diepgroene weelderige binnenlandheuvels. Ervoor lopen wat kippen rond.


De bewoners van deze eilanden zijn zeer gelovig. Meestal katholiek of protestants. Maar toch vermengd met mythes en spiritualiteit.


Via Vaima Center, een modern aangelegd shoppingcentrum met diverse buitenstandjes en zithoeken en uitzicht op de haven, beland ik terug op de kustboulevard. Ik bemerk dat ons jachtachtig schip, de elegante Seabourn Quest ****** (450 pax) al in de haven ligt.


Het is vlakbij, maar we zullen toch een taxi nodig hebben, want met onze bagage langs die

grillige voetpaden met ongelijke hoogtes, dat is niet te doen. De inscheping rond 12:30 verloopt vlot en zoals altijd gaan we meteen bij het zwembad in de schaduw aperitieven en een lichte maaltijd nuttigen. Onze hut, hier overal suite genoemd met balkon, bad, douche, zitruimte, veranda, terras, met alles erop en eraan, is allicht de beste hut die we ooit hadden. Alleen de wifi is, zoals eigenlijk op alle schepen, weer een moeilijke operatie want we kunnen nooit twee devices per persoon tegelijk gebruiken. Op onze iPhone hebben we een Ubugi e-sim die dit territorium dekt, en ik NordVPN, maar op de iPad is wifi nodig. Maar synchroniseren blijft een miserie.

Maar we zijn tevreden, vooral omdat onze ge-upgrade stateroom een interessante en centrale ligging op het schip heeft. En uiteraard staat er een fles champagne koel. In ons bargedeelte staan de spirits die men ons voor de cruise gevraagd had mee te delen, idem voor de koelkast drankjes.


We profiteren van de faciliteiten aan boord van dit, qua lay-out en voorzieningen, goed

ingedeelde schip. Terwijl Nella uitpakt, ga ik naar de voorstelling van de belangrijkste stafleden en officieren met livemuziek aan het zwembaddek. Ik maak meteen kennis met cruise director Daniël Edward, een Londenaar en met zijn assistente Kate.

We aperitieven in de heerlijke Observation Lounge met pianist Bruno, dineren in The Restaurant en dan volgt er in de Grand Salon “Live and Wired” een verzorgde show, waar diverse iconische popsongs met veel technische hoogstandjes in elkaar overgaan en met een zeer intelligente manier van opstellingen, verspreid orkest en verplaatsingen op scène. De performance, verzorgd door de Seabourn Six, perfect gecaste dansers en zangers is grote klasse.


Ik vind de Seabourn Quest, als nochtans Silversea-getrouwe (hun directe concurrent) het allicht beste cruiseschip waarop ik ooit mee vaarde als passagier.


Papeete 18/02


Het schip blijft de eerste dag in Papeete aanliggen. Naast ons komt de beroemde Queen Mary 2

(Cunard) liggen en aan de andere kant de Paul Gauguin van Ponant, een Franse rederij met kleinere schepen, gespecialiseerd in eiland vaargebieden zoals hier, de Seychellen, Indonesië en zo.


Ik bezoek de Duitse Swenja Henrich, guest services manager. Ze blijkt in 1993, twee jaar nadat ik de Vistafjord verliet als cruise director, daar aan boord gewerkt te hebben. We wisselen herinneringen uit over dat geliefde schip en over wederzijdse kennissen.


We brengen de dag super ontspannend door en gaan ’s avonds eten in The Patio op het open dek bij een ideale zomeravondtemperatuur, waar ons wonderlijke gerechtjes gepresenteerd worden met een keuze aan wijnen. We maken er kennis met kapitein Joris Poriau, een Belg. En met de hotelmanager, een Nederlander. Trouwens, Seabourn is gelieerd met Holland America Cruises.


Op zee 19/02


De eerste en enige dag op zee genieten we verder van alles wat aangeboden wordt, zonnen, zwemmen, jacuzzi, cocktailtje, hapje. Een ober biedt fruitbrochetjes aan. Nee, we klagen niet. Maar plots volgt een intense plensbui, wat hier af en toe voorkomt, maar altijd snel voorbij is en niet eens onaangenaam “ter verkoeling”. Een kwartier later is alles al opgedroogd…


's Avonds is er een Captains Gala waarbij de kapitein zijn officieren voorstelt in The Club, een toffe bar met orkest en zelfs een verse sushistand. Wij worden door cruise director Daniel uitgenodigd aan zijn gehoste tafel centraal in het mooie restaurant, samen met vijf Britten. Elke avond is de verwachtte attire “elegant casual” (heren: stijlvol/ sportief broek, hemd, optioneel jasje) maar vanavond is het formal, tijd om nog eens een van mijn strikjes om te doen. Later worden we weer op zo’n straffe show getrakteerd, ditmaal onder de titel “Skyline”.


Fakarava 20/02 (Tuamotu archipel)


Onze eerste bestemming van de zeven eilanden is een rechthoekig atol, Fakarava genaamd.

Het staat geklasseerd als Unesco biosfeer reservaat. De binnenvaart van dit atol, een dunne landslang (60 km lang) is heel bijzonder. En de lagune is oogverblindend smaragd-lichtblauw afgezoomd met roze-witte oevers en palmen. De vele kokosbomen produceren hier de copra (vruchtvlees van de kokos) naast de befaamde zwarte parels, hun enige exportproduct.


Terwijl ik als ontbijt uitsluitend geniet van exotisch fruit zoals o.m. dragon fruit, mangosteen (niks te maken met mango’s) lychees, papaja, krokante kersen… glijden buiten de mooiste bounty landschappen voorbij.


Alle landingen, buiten Raiatea en Tahiti, gebeuren met tenders naar kleine aanlegsteigertjes. Na onze anti-UV-behandeling, sunscreen, pet, zonnebril en de uitgedeeld handdoeken en waterflessen, worden we bij het uitstappen met een bloemetje verwelkomd. Een orkestje wat verder speelt muziek, er is een winkeltje en dat is het dan. We gaan flaneren in het dorpje Rotoava. Maar het stelt weinig voor en het is bloedheet.

We besluiten een e-bike te huren, dat kan voor hoogstens twee uur, nadien zijn ze gereserveerd. We trekken erop uit, fietsend langs een mooie brede baan. Geen publiek transport en zeer weinig auto’s hier. Links is er de lagune en rechts de oceaan, omringd door rotsstranden met veel palmbomen en bloemen, maar verder valt er, op zich, niet veel bijzonders te zien. We kunnen naar een pearl farm – het parelvissen in de lagune is hier dé activiteit - maar dat bezocht ik voorheen al eens.


Tot we bij de piramidevormige vuurtoren Topalea komen. Ik hoopte dat ik daarop kon, om vandaar een overzichtsfoto te trekken van de lagune binnen de atol. Quod non. Nella besluit terug te keren en ik ga alleen verder langs het vliegveldje met een onbenullig klein gebouwtje. Ik fiets naar een ver strand om daar te snorkelen, maar geraak er maar niet. Ik wil dan maar ergens, toch mijn snorkeluitrusting uitproberen, tot ik realiseer dat de kliffen en het klotsende water te geweldig zijn met die schurende kanten van de rotsen, en dus benenbrekend gevaarlijk.


Ik heb geen idee hoe laat het is, want ik liet mijn horloge aan boord. Efkes paniek. Ik gooi alles in de bak achter op mijn e-bike en ga dan in bloot bovenlijf pal tegen een sterke wind ijlings stampen om op tijd terug te zijn. Eens daar merk ik dat zowel mijn flipflops als mijn onderhemdje en T-shirt uit de mand blijken weggevlogen. Daar sta ik dan, “typisch Wim”. Ik kan ermee lachen. In blote bast wacht ik op de tender terug. Een oude dame stapt uit en vraagt me: Is er ergens iets te zien? De blik in haar ogen verraadt de gedachte: Hopelijk niet, dan kan ik terug.


Eens aan boord ga ik lekker met mijn vrouwtje van het verzorgde, rijke lunchbuffet genieten in The Colonnade, een restaurant aan de achterkant van het schip met gedeeltelijk open dek.


Rangiroa (Tuamotus) 21/02


Rangiroa is het grootse atol ter wereld, een ellenlange, smalle bepalmboomde strook (200 km)

met lagunes en eilandjes vol koraalriffen. Deze atol (79 km²) is zelfs zo wijds dat het zijn eigen horizon lijkt te creëren.  Er valt niks te bezoeken in de zin van “gaan bekijken”. Het snorkelen daarentegen is hier “the must to do”. Ik kocht me zo’n nieuwerwets 180° zichtmasker tot onder de kin met een prima luchtgeleiding. Deze Blue Lagoon heeft een onverbiddelijk superrijke onderwaterwereld, maar – raar maar waar – uniek is dat hier zelfs een kleine wijnteelt gebeurt op lage koraaleilandjes wat verder.



De tender brengt ons naar Avatoru, eigenlijk enkel een pier met wat standjes, waar enkele leuke, met palmtakken versierde, bootjes uitnodigen tot een trip, het blijken glass bottom boats. Maar ik zoek the real thing. Een groep, waaronder twee Italiaanse koppels, besluiten bij een lijvige man met ontbloot bovenlijf, gekleed in een wikkel “de boot in te gaan”. Wij gaan mee. We stomen op naar het zogeheten “The Aquarium”. Geen idee wat me te wachten staat. Er is de belofte van veel tropische visjes, misschien wat ongevaarlijke, zwart gestippelde- of hamerhaaien en met wat geluk een reuzenschildpad of een Napoleonvis.


We varen tot aan een schraal eilandje, eerder een rozige zandbank. Ondertussen krijgen we wat uitleg over van alles. Iedereen krijgt een snorkeluitrusting. Ik heb enkel vinnen nodig en, plons, iedereen het water in. Ook deze opa, wat trager. De kop in het water is meteen een openbaring. Massaal kriskras zwemmende scholen visjes waaronder ... (dit moet ik aan kleindochter Sofia vertellen) … de vriendjes van “Botje”. Botje is het geel gestreepte visvriendje van De Kleine Zeemeermin Ariel (Disney tekenfilm). Ik bemerk verder anemonen, clown-, papegaai-, vlinder- en doktersvissen. Ik geef toe: namen achteraf opgezocht.


Ik hou het eerder snel voor bekeken en kruip terug aan boord. Het masker gaf me een

beknijpend gevoel, iets beklemmends. Ik besef dat ik geen onderwatermens meer ben, voelde een soort claustrofobie. Laat mij uit een vliegtuig springen, skydiving of parapente, maar blubber de blub, blijkt mijn ding niet meer. Al had ik voorheen wel al superleuke snorkelervaringen o.m. in Cozumel naar een gezonken James Bond Cessna of offshore Turtle Island (Zanzibar) waar het koraal zo vlak onder de waterlijn me bijna scheurbuik opleverde.


Maar de setting is leuk. Af en toe worden nog meer snorkelaars gedropt. Er zit een man in een bootje nauwlettend toe te zien. Hij hielp me mijn vinnen af te doen toen ik het laddertje aan boord wou her opklimmen. Ik weet het, ik ben soms een sukkel.


Eens de hele bende terug, verneem ik dat ik geen exceptionele spectaculaire vissoorten gemist heb. De zon brandt. Onze boot vaart terug langs lyrisch mooie kustlijnen en fifty shades of blue.


Terug aan boord genieten we van een Sail Away Party bij het zwembad, met Grace and the Band die Abba-covers spelen. De Seabourn Six entertainers wakkeren een dansfestijn aan. Er wordt volop kaviaar rondgedeeld en allerlei cocktails. Het blijkt tijdens het wegvaren een heerlijke extravaganza met droomuitzichten bij een ondergaande zon.

’s Avonds genieten we wederom ‘al fresco’ van unieke gerechtjes, grills en amuse gueules geserveerd uit een rokende vensterkoker. De camembert uit de oven is smeltende top, maar ik ben voldaan. Nella gaat nog voor een sorbetje van de chef. Later is er “Earth Song” een, met een overweldigende visuals en grafics van natuurelementen en bijzondere landschappen, begeleid dans- en zangspektakel.


Huahine Iti 22/02


Geweldig. We ankeren in Maroe Bay, geen platte atols meer maar een heus donkergroen eiland

vol baaien en kristalhelder azuurblauw water afgezoomd met witte zandstrandjes en wuivende, tropische palmen onder weelderige, donkergroene bossen, op dramatische heuvelflanken. Hier leven amper een dikke 6 000 inwoners op 74 km². Ik bestudeerde de bezienswaardigheden van dit vlindervormige eiland enkel verbonden door enkel een kleine brug Huahine Iti en Huahine Nui. Iti betekent het kleinste van de twee, Nui de grootste. Een eiland tour van Iti lijkt me een must.


Eens de tender uit, gaan we onderhandelen met diverse eilandtouraanbieders in lokale kledingdracht. Er is wel een gratis shuttle naar Fare Village voorzien met “Le Truck” (open air, harde banken). Fare is 13,5 km ver en heeft een strand, markt en waterfront met faciliteiten. Maar ik vraag een dametje, sarong, bloem achter het oor, over het wat en hoe van een privé tour. Hoera, twee uur waarin alles wat ik wou zien! De prijs lijkt ons in deze dure oorden acceptabel. Ze brengt ons naar haar autootje mét airco. It feels all right. And so it does.


We rijden langs weelderig regenwoud en overweldigende landschappen, voorbij charmante dorpjes en liefelijke baaitjes zoals Porea Bay. Vanop Mt. Tapiori hebben we zelfs vergezichten tot Bora Bora. En overal errond kleine Motus met koraalstranden, ideaal voor zonnen, zwemmen en snorkelen.


Wat een heerlijk eiland. Echt een soort Tuin van Eden. Een mooie, goed onderhouden, geasfalteerde weg leidt ons helemaal rond het boveneiland. Alles is hier erg proper, stof wordt snel weggespoten en de mensen zijn echt vriendelijk.

Ook op de volgende Society Isles trouwens.


We passeren Fare, het vliegveldje en stoppen bij een vanilleplantage, waar onze gids het merkwaardige groei- en cultiveerproces ervan uitlegt. Het bestuiven van de bloesems wordt nl. manueel gedaan vanwege de afwezigheid van de juiste insecten. Vanille werd ingevoerd vanuit eilanden in de Indische Oceaan, zoals La Réunion en Madagaskar.

Ik koop een klein flesje vanille-coco rum. Benieuwd. 



We bezoeken de archeologische site Maeva Marae, 400 jaar oude stenen tempels aan de oevers van de binnenzee Fauna. Een visser op een outrigger canoe peddelt voorbij.

De Marae vormen de “heilige” plek van het eiland waar oorspronkelijk de Maori kwamen bidden en offeren. We zien meloenplantages en overal witgele fragipanibloemen.

Ook bijzonder, wat verder, zijn de stenen “fish traps”, een constructie die vissen laat binnenstromen, zoals de mahi mahi (goudmakreel) die er nadien niet meer uit kunnen.  De laatste “attractie” dan zijn de, unieke heilige, blauwogige reuzenpalingen in de zoetwaterrivier komend van de bergen bij Faie Village.


’s Avonds genieten we van een optreden van de wereldberoemde Ben Woodward’s Comedy Magic show. Hij trad op voor royalty, Hollywoodsterren in over meer dan 40 landen.


Hoge energie, klassieke illusies, vingervlugheid, mentalisme (gedachten lezen) en scherpe stand-up comedy. Een onvergetelijke performance.



Raiatea 23/02



Het binnenvaren van Raiatea, “The Sacred Islandis opnieuw een adembenemende ervaring en een zoveelste super fotoshoot gelegenheid: mini-eilandjes, palmstrandjes onder donkergroene, karaktervolle heuvels langs water in alle mogelijke tinten blauw, azuur, emerald, turquoise. Het is de op een na grootste van de archipel Society Islands. En ook hier is de teelt van kokos, ananas en vanille het belangrijkste.


Aan land kan via een kleine loopplank. Enkele vrouwen met bloemenkransen in hun haartooi en een ukelele-duo begroeten ons. Ik poseer bij een flinke, compleet getatoeëerde inboordeling met een kinkhoorn, een zeeschelp waarop je kan blazen. Tattoos zij hier echt wel een ding.


Het stadje Uturoa, waar de meeste inwoners verblijven, verkennen we meteen. Onder meer op zoek naar nieuwe flip-flops voor mij. Van zodra je het havengebouwtje uit bent, vind je volop winkeltjes en minisupermarktjes die doen denken aan die bij ons, vijftig jaar terug. Reuzenmanden barstensvol lange baguettes naast allerlei plastic sloefkes bijvoorbeeld. We wandelen langs de kades en nemen wat mooie foto's.


We kunnen naar Marae Taputapuatea gaan, de belangrijkste Marae van deze eilanden en UNESCO. Vandaar startte de migratie naar Hawaii, de Cooks eilanden, Nieuw-Zeeland en de rest van de Pacific. Maar het is ver, dus lang en duur. Of een kano huren of zo, maar we zijn voldoende overweldigd door enkel maar rond te kijken.


's Avonds geniet ik wederom van de fantastische buitenvaart en de zichten bij zonsondergang. Het binnen- en buitenvaren en het naderen van deze eilanden blijft iedere keer ontegensprekelijk dé belevenis van de dag.


Morgen volgt het absolute hoogtepunt. Bora Bora, een constructie van een barrier reef met ringvormige eilandjes rondom lagunes en centraal een indrukwekkend groen bergachtig stuk. Een eiland vol paradijselijke hoekjes en kantjes. We varen traag, want het is niet ver…


In de Grand Salon schittert de show “Can’t stop the Music” op muziek van o.m. Queen, Fleetwood Mac, Janet Jackson, Adèle, The Beatles e.a.


Bora Bora 24 en 25/02



Ik wil vanaf zes uur al het naderen van het eiland vastleggen op video en foto. Grappig: een man zit om 6:30 al in een jacuzzi op de punt van het schip met de neus naar het opduikende

Luchtfoto Bora Bora (google)
Luchtfoto Bora Bora (google)

droomeiland. Maar net nu wordt de match Atlético Madrid tegen Club Brugge gespeeld. Met z'n elf uur verschil dus voor ons om 7:30 uur lokale tijd. Een moeilijke keuze. En absurd. Toch luister ik op mijn koptelefoon naar Radio 1 en onderga tegelijk de spectaculaire schoonheid van het binnenvaren van dit tropisch eiland met zijn heerlijk koraalrif vol Motus. Na het ankeren kan ik de match verder volgen op Tv-kanaal Sport 21.


Het is tijd voor exploratie. We nemen de tender en spreken een, in een sarong geklede, stevige man met slechts één tand aan, die ons een eiland tour belooft voor 80€, twee uur lang. Nou ja. Twee Zwitsers vervoegen ons.


Zijn naam is, geloof het of niet, Freedom (foto: rechts). De rit van twee uur rond het eiland is slechts 32 km. Het exclusief mooiste is dat hij ons, in zijn open pick-up truckje met zitbanken zijdelings, wel helemaal, zij het schokkend, tot op een punt van de dramatische Mt. Otemaru kan brengen. Deze vormt, naast Mt. Pahia, de twee vulkanische pieken die het eiland zijn bijzonder karakter verlenen. Hier kunnen geen excursies komen, tenzij met 4X4.


Vanaf een plateau bewonderen we de voorkant van het eiland, met ons schip midden de lagoon met zijn kleine betoverende eilandjes Motu Toopua en Motu Tapu tegenover Raititi Point. Daarop liggen de meeste luxe resorts met de mooiste stranden midden die saffierblauwe tinten van de lagune. Op hetzelfde plateau overkijken we de achterkant van het eiland, met eveneens adembenemende panoramische uitzichten. Dit tropisch paradijs is het mooiste en bijzonderste eiland ter wereld.


Terecht de “Parel van de Pacific” genoemd.


Ik fotografeer en film me de pleuris. Het is warm, maar onderweg doet de natuurlijke airco z'n werk. We passeren Matira Point, een leuk zandstrandje aan de Oostpunt en Povai Bay met alweer een fabuleus uitzicht. In Faanu werd in 1942 een vloot- en vliegbasis met kanonnen opgericht. De lange landingsbaan en een museum getuigen nog van de rol dat dit oord speelde tijdens Wereldoorlog Twee.


De tenders tussen schip en wal gaan non-stop, ook ’s nachts, over en weer. We liggen hier twee dagen. Passagiers kunnen zich uitleven met boot- of catamarantochten, duiken, jetski, noem maar op. Buiten Tahiti worden nergens grote cruiseschepen toegelaten, enkel “small and yacht like vessels”. En het aantal toeristen is er niet-storend beperkt.


’s Avonds vindt van 20:45 tot 22:30 uur de “Let’s Dance Party” plaats, “under the stars” op live music met de twee bands, aangezwengeld door de entertainers.


De volgende dag houden we het simpel en we gaan wat rondsnuisteren in Vaitape (ontstaan in de vierde eeuw) eigenlijk het enige dorp, waar de meesten van de nauwelijks 10 000 inwoners resideren. Het plaatsje biedt wat culturele authenticiteit en fonkelende eilandcharme. Overal gaat het over de zwarte parels die in deze regio gecultiveerd worden. En ja, allerlei sieraden van schelpjes en wat weet ik veel, zwierige sarongs en T-shirts in wervelende kleuren. Maar het is leuk. Vandaag zijn er ook meer wolken, bijgevolg voelt de temperatuur, ondanks de steeds hoge vochtigheidsgraad, een stuk draaglijker aan.


Ik verwijl op mijn balkonnetje met uitzicht op de kleine Motus, die schattige eilandjes, omringd door lichtblauw, donkerblauw en turquoise water met hun witte strandjes en hun bungalowhutten boven het water. Er is een klein schip binnengekomen, een soort mix van cruiseschip, cargo en ferry.


Overweldigd door zoveel schoonheid, besluit ik, al schrijvend, de welkomstfles champagne toch maar te kraken want overmorgen is de cruise al ten einde.


Mo’orea 26/02


Wederom heerlijk fris ontbijtend, terwijl de Seabourn Quest de weergaloze, adembenemende Cook’s Bay van dit hartvormig (65 km²) eiland binnenvaart. Dramatische vulkanische pieken, gehuld in donkergroen regenwoud, dragen bij tot ultieme tropische postkaarteffecten. Hier komen natuur, cultuur en traditie samen onder die heerlijke Polynesische zon.


Ik vergenoeg me weer met de vele fruitsoorten, terwijl een Amerikaan, een eind verder, echt waar, een minute steak van de grill besteld.


Mo’orea heeft slechts een bevolking van 50.000 inwoners, die zowat allemaal in het toerisme werkzaam zijn. De naam Mo'orea betekent “gele hagedis”.


We onderhandelen aan wal, met een aantal mensen, om te besluiten dat Maamie, een wat oudere, overenthousiaste vrouw met een goeie airco-auto, ons belooft dit paradijs te laten zien. En ik heb geen uur, zegt ze. Ze zal werkelijk alle punten die ik wou aandoen coveren. Ik ben in de wolken. Opnieuw betalen we minder dan een excursie aan boord. We zien meer, op eigen tempo, met privacy en met een ander koppel erbij zou het zelfs half de prijs geweest zijn.



Bahia Opunohu in Mo’orea (bij Tahiti) is de plek waar Captain Cook in 1769 belandde en het “the finest natural harbour ever” noemde. Het was o.m. een locatie voor de bekende film “Mutiny on the Bounty” en andere films, én inspiratiebron voor de song “Bali Hai” uit de Musical “South-Pacific”. Ja, deze eilanden zijn het terrein van beroemde zeevaarders zoals ook de Bougainville en Samuel Wallis.


Onderweg naar de Belvedère bergopwaarts passeren we het goudgele publieke Matu Beach, wat ruïneresten van kleine Marae en Tikis, ananasplantages, bamboebos en bassins vol kweekgarnalen, die enkel dienen voor eigen consumptie. Vanop die Belvedère in het binnenland (240 m hoog), zien we de twee heerlijke baaien: Opunohu en Cook’s Bay met ons schip. Dan rijden we terug oostwaarts, voorbij een golfterrein en de luchthaven naar het Toa Tea viewpoint met een verbluffend uitzicht overTemae Beach en de blauwe lagune met de bovenwater bungalowhutten en Tahiti in de verte, slechts tien zeemijlen (15 km) ver.


Op dezelfde mooi aangelegde kustbaan die rond het eiland cirkelt, keren we via het levendige kustdorpje Maharepa terug. Op het hele eiland is er geen enkel rood licht, zegt Maamie. Op de vorige ook niet, nu ik het overdenk.


We verzaken aan verdere attracties zoals pijlstaartroggen voederen of bij Lizard Island dolfijnen spotten. Tussen juli en november kan je er trouwens ook bultrugwalvissen zien. Sportievelingen kunnen zich uitleven met parasailing, surfen, kayakken, paddleboard of andere watersporten.


Voor het uitvaren beleven we nog een “signature event”: een teammember salute. Cocktails en hapjes, muziek rond het zwembad en dan marcheert opeens de bemanning van alle departementen op dek negen boven de pool ter afscheid. Gevolgd door “Classique”: een optreden in de vorm van een schitterende klassieke cross-over vertolkt door Ally, Ian en Georgina.

Met musicalsongs over “Nessun dorma” en “Con té partiro” tot Queen. Ik zie overal tranen van emotionele schoonheid opwellen. Ikzelf slik en krijg kippenvel.


Het is slechts 2,5 uur varen, dus vanavond om 21:00 uur leggen we al terug aan in Papeete. Wij hebben onze boeking in het superverzorgde mediterraans speciality restaurant Solis alwaar ons een overrompelende keuze aan gastronomische verrassingen wacht met een superieure bediening. Superklasse.

Papeete 27 en 28/02


We ontschepen en keren terug naar hotel Tahiti Nui. Ik plande nog een rit naar Point Venus en de blowholes vlakbij. Of anders Vaipahi Water Gardens, de Marau Fern grotten of Matavi Bay met Tahara’s Point. Al zijn de stranden in Tahiti wel zwart. Misschien Mateia, de “Paul Gauguin Village” (1891-1893) of de Oostkust met de Papeno’o vallei.

Maar de uitzichten en ervaringen zullen die van de vorige dagen niet overtreffen en toch maar even aan budgetbeheersing doen.


Op 1 maart staan we op om 4:00 om met Air France terug te vliegen. Bij de tussenstop in L.A.

wordt tijdens de immigratiecontrole altijd een foto genomen. Nadien kunnen we instappen zonder boardingpass noch paspoortcheck, mogelijk gemaakt door een simpele gezichtscontrole via camera’s aan de gangway.

We landen op 2 maart om 16:50, nemen de shuttle (10 minuten) naar de randparking in Louvres en komen tegen 21:00 uur thuis aan. Het zal ons een week duren om te ontjetlaggen, weliswaar met het hoofd nog in Paradise.



©WimVanBesien2026

1 opmerking


Agneske
een dag geleden

"Ik heb echt genoten van je verslag, al moet ik bekennen dat ik ook een beetje jaloers ben. We hadden deze reis namelijk ook gepland, maar door de nieuwe oorlog van onze 'bondgenoten' is alles gecanceld. Onze hele vakantie valt hierdoor in het water. Na zes maanden voorbereiding is dat echt een enorme domper."

Like
bottom of page